Het gebeurde een paar jaar geleden. Ik was een jaar of 12. Samen met oma was je op vakantie naar Spanje. Jullie zaten daar op een camping, te genieten van het mooie weer.
De telefoon ging en aan papa’s gezicht zag ik dat er iets mis was. Je was ziek, ziek geworden in het verre Spanje. Of het besmettelijk was wisten ze niet, dat je niet terug naar huis mocht met het vliegtuig was zeker. Je moest zelf maar thuis zien te komen. Getwijfeld werd er niet. De volgende dag zwaaide ik mijn vader uit, hij ging op weg naar Schiphol, vanwaar hij naar Zuid-Spanje zou vliegen.
Een paar dagen later waren jullie terug. Papa was kapot, de hele weg had hij achter het stuur gezeten, jij was niet in staat om te rijden, oma kon niet rijden met een caravan. Je moest zo snel mogelijk naar het ziekenhuis, dus af en toe uitrusten zat er voor hem niet in.
Er werd geelzucht geconstateerd. Vraag me niet wat het precies inhoudt. Ik heb me er niet erg in verdiept, want al snel werd duidelijk dat er een verkeerde diagnose was gesteld. Wat jij had, was helemaal geen geelzucht.
Het was nog veel erger. Je had kanker.
Toen ik het hoorde wist ik niet hoe ik moest reageren. In een waas hoorde ik stemmen die me zeiden dat je ernstig ziek was, en niet meer beter zou worden. Je had toen nog 2 maanden te leven.
Dat je daarna nog een moeizame anderhalf jaar bij ons was, leek natuurlijk positief, maar als ik in je ogen keek, en zag hoe je leed, werd ik zo intens verdrietig…
Anderhalf jaar leefde je nog
een klein wonder
Ik keek toe en zag je vechten
Ik kon niks doen
Ik keek toe
Jij, altijd hielp je me overal
Ik was machteloos
wilde je helpen
Onmogelijk
Geen opmerkingen:
Een reactie posten