vrijdag 25 februari 2005

Ik denk aan je terug, hoe je was… ( 5 – voor Opa )


In mijn dromen galopperen we samen over de heide. Wat we nooit samen hebben gedaan, maar wat ik wel heel graag gewild had, was samen over de heide rijden.
Jij was een paardenman, in hart en nieren. Niet alleen omdat ik het geweldige dieren vind doe ik aan deze sport. Ik doe het ook een klein beetje voor jou. Om de band die we hadden te behouden. Ik weet zeker dat je trots op me zou zijn als je wist hoe goed het nu met me ging. Je overleed 12 dagen voor mijn eerste succes. Ik won, voor jou.

Op je begrafenis huilde ik tot mijn tranen op waren. Tijdens de condoleance ging mijn laatste beetje zelfbeheersing kapot. Ik was je kwijt en dat deed me onnoemelijk veel pijn.
Tijdens de dienst waarin emotionele toespraken werden gehouden, huilde ik. Toen je oudste zoon een toespraak hield over zijn vader die hij verloren was. Toen hij je vergeleek met een grote boom, waar wij allen onder mochten schuilen als we daar behoefte aan hadden. Toen hij ons herinnerde aan de tijd dat je sterk was en gezond. Toen hij het nog één keer voorlas:


Denk aan mij terug
maar niet in dagen
van pijn en verdriet.
Denk aan mij terug
in stralende zon,
hoe ik was toen ik
alles nog kon.


Van alle mensen die op de begrafenis kwamen, was ik de enige die niet in de kist keek. Ik denk nog dagelijks aan je terug, aan hoe je was, toen je alles nog kon.

Geen opmerkingen: