
Ze zat op haar bed, voorovergebogen.
Alles was wazig,
flonkerend,
zwart.
In de verte hoorde ze haar ademhaling.
Een holle klank.
Onregelmatig,
onrustig.
Ze voelde hoe haar lichaam bewoog.
Schokkende bewegingen.
Onregelmatig,
onrustig.
Ze wachtte.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten