Ze dacht altijd dat het iets was met kaarsjes en rode rozen. Dat er een vast patroon, een vast gegeven voor was. Dat iemand het kon ‘zijn’ of het gewoon niet ‘was’. Dat het ging om brieven, bloemen, heerlijke geuren en liefde.
Dit alles, tot het moment waarop ze ontdekte wat het werkelijk was. Het feit dat hij aan haar dacht, wilde dat zij zich goed zou voelen, misschien wel ten koste van zichzelf. De wetenschap dat hij alles, maar dan ook werkelijk álles voor haar zou doen. Dat hij zichzelf uit vrije wil compleet weg zou cijferen, alleen maar voor háár.
Dit alles, tot het moment waarop ze ontdekte wat het werkelijk was. Het feit dat hij aan haar dacht, wilde dat zij zich goed zou voelen, misschien wel ten koste van zichzelf. De wetenschap dat hij alles, maar dan ook werkelijk álles voor haar zou doen. Dat hij zichzelf uit vrije wil compleet weg zou cijferen, alleen maar voor háár.
Dat ze dat wist, was voor haar romantiek. Dat ze wist dat ze altijd bij hem terecht kon, wat er ook was gebeurd. Dat hij haar zou troosten, helpen en net zo lang vast zou houden tot ze kon stoppen met huilen en zich afvragen waarom. Hij zou haar nooit in de steek laten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten