Wat er écht gebeurd was, hoorde ik pas weken later.
Ze dachten dat ik leukemie had.
Net als jij, dezelfde symptonen, dezelfde machteloosheid.
Wat waren ze bang geweest. Bang voor alles wat komen zou, bang voor de pijn, het verdriet, de onzekerheid en de angst zelf.
Ik had het niet door. Mijn wereld, mijn roes, ik kon niet denken. Het viel me niet op dat mama 's nachts elk uur kwam kijken of ik nog ademde, het viel me niet op dat het uitzonderlijk is als je thuis bloed mag laten prikken, het viel me niet op dat de dokter zomaar spontaan op de stoep stond, het viel me niet op dat papa zowat huilde van blijdschap toen hij me vertelde dat ik Pfeiffer had...
...en dat mama vijf minuten later de dokter alweer belde om hem te vragen of ik dús geen leukemie had.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten