Als je jong bent, geloof je alles. Van spinazie krijg je spierballen, je vader is de sterkste man van Nederland en Sinterklaas bestaat.
Maar er komt een dag dat je naar de schoenen van de Goedheiligman kijkt en denkt: ,,Wacht eens! Dat zijn de schoenen van mijn vader!” Je vermoedde al zoiets, maar nu dringt het pas echt tot je door. Het is onzin om te geloven dat er in Spanje een man met een lange witte baard rondloopt, die een keer per jaar de stoomboot pakt om bij jou iets in je schoen te komen stoppen. En nog zoiets: van spinazie krijg je geen spierballen, Nederland wordt nooit wereldkampioen en jij trouwt niet met de juf.
Zo word je ouder en steeds ongelukkiger. De enige momenten dat je je weer even voelt als toen, zijn de momenten waarop je van iemand houdt. Echt van iemand houdt. Dan valt alles wat stom is of pijn doet even helemaal weg.
Liefde is alles en daar moeten we in blijven geloven. Dus wat nou, als we gewoon met z’n allen zouden besluiten: ,,Sinterklaas bestaat”? Dan weten we heus wel dat we al die cadeautjes nog steeds zelf moeten kopen, maar het gaat meer om het idee. Dat we blijven geloven dat het nog altijd goed kan komen met ons, met de liefde. Want liefde is als Sinterklaas; je moet erin geloven, anders wordt het niks.
Met dank aan Kim van Kooten
dinsdag 27 november 2007
dinsdag 20 november 2007
Werelds?
Iedereen leeft in zijn eigen wereld. Die wereld bestaat uit je eigen doen en denken, dingen die nooit compleet gelijk zullen zijn aan die van anderen. Je wereld wordt gevormd door de plek waar je geboren wordt, de mensen om je heen, de keuzes die je maakt en alles wat er om je heen gebeurt.Jouw wereld is de allesbepalende factor van je persoonlijkheid en referentiekader. Dit is de enige manier waarop ik kan verklaren dat smaken en meningen enorm kunnen verschillen. Iedereen is op die manier de manager van zijn eigen wereld. Natuurlijk zijn er altijd ontzettend veel dingen die jij niet bepaalt. Beslissingen van anderen, weersomstandigheden, toeval.
Maar als iedereen zijn eigen wereld heeft, eigen bezigheden, eigen denkbeelden, eigen vriendenkringen... Overlap is er vrijwel altijd, maar waar kun je normen op baseren? Welke mensen kun je in hetzelfde hokje stoppen en welke vallen net buiten de grens daarvan? Past iedereen überhaupt in een hokje?
Is het niet zo dat ieder individu op Aarde baas is over zijn eigen universum, zijn eigen hokje?
zondag 18 november 2007
zaterdag 17 november 2007
Terugval?
Ze stond op het koude perron. Een moe, bleek gezicht, nog niet klaar voor de dag. Toen haar wekker 's morgens ging, had ze niet geweten waar ze was. Haar eigen vertrouwde bed, in haar eigen vertrouwde omgeving had kil en eenzaam aangevoeld.
Ze dacht aan hem. Zou hij nog bellen?
Met haar ogen nog dicht was ze onder een warme douche gesprongen. Al voordat ze de kraan uitdraaide rilde ze opnieuw van de kou. Ontbijt, warme ovenbroodjes in een poging om zich op te warmen. Klappertandend was ze naar het station gefietst.
En nu stond ze daar, op dat perron. Alleen, maar met vele anderen. De gure novemberwind speelde met haar haren. Geen energie, maar móeten. De trein arriveerde, ze paste er nog nét bij in het halletje. Ze leunde uitgeput tegen de deur die achter haar sloot.
Flarden van gesprekken ving ze op. Gesprekken over koetjes en kalfjes, nooit over zaken die er echt toe deden. Wat was het warm, daar in die trein! Ze had moeite haar ogen open te houden, concentreerde zich op haar ademhaling. ,,Wat had ik ook alweer geleerd? Rustig, diep, vanuit mijn buik.."
Ze was opnieuw in haar eigen wereld. Het was haar bekend, ze wist wat ze moest doen. Er was alleen geen ruimte voor, geen ruimte om te gaan zitten, geen ruimte voor begrip van de mensen om haar heen. Haar bleke gezicht werd steeds witter, haar ademhaling riep golven van flauwte op, haar oren begonnen te suizen en het halletje waarin ze stond veranderde in een grauwe, wazige massa.
Paniek. Ze voelde de paniek. Het mócht niet, het kón niet. Niet nu.
De trein minderde vaart, ze telde elke seconde. De deuren schoven open en ze zoog haar longen vol met de koude winterlucht. Het had geen minuut langer moeten duren.
Weet je wat zo vreemd was? Niemand had haar opgemerkt, niemand had haar gezien. Sommigen keken wel, zo'n keurende blik die ze elke dag een aantal keer doorstond. Maar zíen, zien dat het misging?
Hij hád gebeld.
Ze dacht aan hem. Zou hij nog bellen?
Met haar ogen nog dicht was ze onder een warme douche gesprongen. Al voordat ze de kraan uitdraaide rilde ze opnieuw van de kou. Ontbijt, warme ovenbroodjes in een poging om zich op te warmen. Klappertandend was ze naar het station gefietst.
En nu stond ze daar, op dat perron. Alleen, maar met vele anderen. De gure novemberwind speelde met haar haren. Geen energie, maar móeten. De trein arriveerde, ze paste er nog nét bij in het halletje. Ze leunde uitgeput tegen de deur die achter haar sloot.
Flarden van gesprekken ving ze op. Gesprekken over koetjes en kalfjes, nooit over zaken die er echt toe deden. Wat was het warm, daar in die trein! Ze had moeite haar ogen open te houden, concentreerde zich op haar ademhaling. ,,Wat had ik ook alweer geleerd? Rustig, diep, vanuit mijn buik.."
Ze was opnieuw in haar eigen wereld. Het was haar bekend, ze wist wat ze moest doen. Er was alleen geen ruimte voor, geen ruimte om te gaan zitten, geen ruimte voor begrip van de mensen om haar heen. Haar bleke gezicht werd steeds witter, haar ademhaling riep golven van flauwte op, haar oren begonnen te suizen en het halletje waarin ze stond veranderde in een grauwe, wazige massa.
Paniek. Ze voelde de paniek. Het mócht niet, het kón niet. Niet nu.
De trein minderde vaart, ze telde elke seconde. De deuren schoven open en ze zoog haar longen vol met de koude winterlucht. Het had geen minuut langer moeten duren.
Weet je wat zo vreemd was? Niemand had haar opgemerkt, niemand had haar gezien. Sommigen keken wel, zo'n keurende blik die ze elke dag een aantal keer doorstond. Maar zíen, zien dat het misging?
Hij hád gebeld.
woensdag 14 november 2007
donderdag 8 november 2007
Referentiekaders
Wat er écht gebeurd was, hoorde ik pas weken later.
Ze dachten dat ik leukemie had.
Net als jij, dezelfde symptonen, dezelfde machteloosheid.
Wat waren ze bang geweest. Bang voor alles wat komen zou, bang voor de pijn, het verdriet, de onzekerheid en de angst zelf.
Ik had het niet door. Mijn wereld, mijn roes, ik kon niet denken. Het viel me niet op dat mama 's nachts elk uur kwam kijken of ik nog ademde, het viel me niet op dat het uitzonderlijk is als je thuis bloed mag laten prikken, het viel me niet op dat de dokter zomaar spontaan op de stoep stond, het viel me niet op dat papa zowat huilde van blijdschap toen hij me vertelde dat ik Pfeiffer had...
...en dat mama vijf minuten later de dokter alweer belde om hem te vragen of ik dús geen leukemie had.
Ze dachten dat ik leukemie had.
Net als jij, dezelfde symptonen, dezelfde machteloosheid.
Wat waren ze bang geweest. Bang voor alles wat komen zou, bang voor de pijn, het verdriet, de onzekerheid en de angst zelf.
Ik had het niet door. Mijn wereld, mijn roes, ik kon niet denken. Het viel me niet op dat mama 's nachts elk uur kwam kijken of ik nog ademde, het viel me niet op dat het uitzonderlijk is als je thuis bloed mag laten prikken, het viel me niet op dat de dokter zomaar spontaan op de stoep stond, het viel me niet op dat papa zowat huilde van blijdschap toen hij me vertelde dat ik Pfeiffer had...
...en dat mama vijf minuten later de dokter alweer belde om hem te vragen of ik dús geen leukemie had.
Onbereikbare droom

Ik zou graag willen weten hoe je over me denkt.
Ik zou graag willen weten wat je van me vindt.
Ik zou graag willen weten of je iets voor me voelt.
Want waar kwam het anders allemaal vandaan? Tekenen dat je aan me dacht, die blik in je ogen, je aanraking, de manier waarop je me kuste...
Ik zou zo graag willen dat je wat voor me voelde. Ik kan het wel blijven ontkennen, tegenover mezelf, tegenover anderen. Maar het doet me pijn om te denken dat er niets was of is, het doet me pijn om te weten dat het nooit wat zal worden...
Je was altijd een onbereikbaar persoon voor me. Je maakte me gelukkig door het tegendeel te bewijzen.
Is het dan nu alweer voorbij...?
woensdag 7 november 2007
Grenzen
Wanneer weet je dat het genoeg is, dat je niet verder moet gaan?
Het begint met het overschrijden van de algemene grens. Vervolgens is er alleen nog sprake van je eigen grenzen. Steeds een stapje verder, dingen doen die je een kick geven omdat je is verteld dat ze eigenlijk slecht voor je zijn.
Roken, drank, drugs; waar moet je stoppen? Besef je niet pas dat je te ver bent gegaan op het moment dat je niet meer terug kunt?
Ken jij je grenzen?
Het begint met het overschrijden van de algemene grens. Vervolgens is er alleen nog sprake van je eigen grenzen. Steeds een stapje verder, dingen doen die je een kick geven omdat je is verteld dat ze eigenlijk slecht voor je zijn.
Roken, drank, drugs; waar moet je stoppen? Besef je niet pas dat je te ver bent gegaan op het moment dat je niet meer terug kunt?
Ken jij je grenzen?
vrijdag 2 november 2007
Radeloos
Toen je nog klein was, maakte je je nog niet druk. Je maakte een prachtige tijd mee, een onbezorgde tijd. Je werd ouder, wijzer en meer ervaren. Je leerde je emoties kennen; blijdschap, maar ook veel verdriet. Je werd sterker door de problemen die je tegenkwam op je pad, door je verdriet en dat van anderen. Je zag het ontstaan van nieuw leven, maar ook de dood. Je dacht dat je al heel veel wist, veel had meegemaakt...
En toen kwamen de problemen, problemen veroorzaakt door mensen die je liefhad. Ingewikkeld, zinloos, maar levensbepalend. Je wilde je vrienden en familie koste wat kost helpen. Maar elke oplossing die je bedacht bleek geen oplossing te zijn.
Weet je wel hoeveel soorten problemen hoeveel soorten oplossingen nodig hebben? En dat als erg geen oplossing lijkt of blijkt te zijn, dit eindeloos veel soorten verdriet teweeg kan brengen?
Wat doe je, als je iemand zichzelf pijn ziet doen? Als diegene dit beseft maar ook weer niet? Als je om diegene te helpen hem eerst nog méér pijn moet doen? Als je het vertrouwen, de vriendschap, de líefde kapot móet maken om iemand te helpen? Wat DOE je dan...?
Abonneren op:
Reacties (Atom)

