zondag 16 april 2006

Onzekere toekomst

Je was dood.

Ik ging naar je toe, maar je was er niet. Ik opende een deur en ik zag je. Daar lag je, in een houding alsof je net overeind wilde krabbelen. Maar iets had je tegengehouden.

Compleet in paniek rende ik van je weg. Op zoek naar een antwoord op al mijn vragen. Waarom hadden ze je in vredesnaam van me afgenomen? Je verdiende dit niet, jij zéker niet..

Ik kreeg mijn antwoord, kon het niet bevatten, kon het niet accepteren. Het was allemaal zó oneerlijk! Ik voelde me angstaanjagend boos, ik kon niet stoppen met huilen en ik voelde me compleet machteloos...





...ik werd wakker en voelde de tranen over m'n wangen lopen. Het duurde even voordat ik besefte dat het allemaal maar een droom was. Hoe langer ik er over nadacht, hoe minder logisch alles klonk. Maar wat leek het écht! Ik zie je nog zó liggen. Ik weet alles nog tot in details, al speelde het geheel in een onbekende omgeving. Ik was bang, zo bang.

Op een dag zal ik je kwijtraken. Misschien wel vandaag, of morgen. Misschien mag ik je nog jaren kennen. We weten het niet, allebei niet.


...maar ik kan je nog niet missen.

Geen opmerkingen: